Veilig met de auto naar je vakantiebestemming: enkele basisprincipes

De grote vakantie gaat bijna van start. Heel wat Belgen trekken met de wagen naar hun favoriete vakantiebestemming. Uiteraard moet je goed voorbereid zijn op het vlak van je voertuig, de bagage, de nodige documenten en moet je uitgerust vertrekken. 

In het volledige artikel zetten we de basisprincipes voor automobilisten op een rijtje. Zo kom je veilig aan op je bestemming komt en kan je zorgeloos genieten van je vakantie.

De grote vakantie gaat bijna van start. Heel wat Belgen trekken met de wagen naar hun favoriete vakantiebestemming. Uiteraard moet je voorbereid zijn op  het vlak van je voertuig, de bagage, de nodige documenten en moet je uitgerust vertrekken.

We zetten de basisprincipes voor automobilisten op een rijtje, zodat je veilig op je bestemming aankomt en zorgeloos kan genieten van je vakantie.

1. Iedereen zit vastgeklikt! Zowel vooraan als achteraan! Een klap of botsing aan 50 km per uur is te vergelijken met een val van de derde verdieping of van bijna 10 meter hoog. Zorg er dus voor dat iedereen in je auto altijd de gordel draagt. 2. Laat geen voorwerpen rondslingeren in de auto! Bij een botsing of zelfs bij bruusk remmen kunnen losliggende voorwerpen levensgevaarlijke projectielen worden, die de inzittenden zwaar kunnen verwonden of in het ergste geval zelfs doden. 3. Denk aan het comfort van je kinderen De sfeer onderweg zal heel wat beter zijn als je kinderen comfortabel zitten, wat spelletjes kunnen spelen en af en toe iets kunnen eten en drinken. Hou geregeld even halt en laat je kids even spelen of rondrennen op de parking om hun energie kwijt te raken.  4. Je moet kiezen: rijden of telefoneren

Telefoneren achter het stuur is een belangrijke oorzaak van verkeersongevallen. En ook handenvrij bellen zorgt ervoor dat je heel wat minder aandacht hebt voor het verkeer. Het risico op een ongeval verdubbelt zelfs!  

Appen, sms’en en surfen tijdens het rijden zijn nog gevaarlijker zijn en doen je ongevalsrisico met een veelvoud doen toenemen. Eén seconde onoplettendheid kan al genoeg zijn om een zwaar ongeval te veroorzaken.

5. Pas je snelheid aan en houd voldoende afstand Hoe sneller je rijdt, hoe kleiner je gezichtsveld wordt, hoe moeilijker het wordt om onverwachte hindernissen te ontwijken en gepast te reageren, hoe ernstiger de ongevallen zullen zijn en hoe meer afstand je nodig hebt om tot stilstand te komen.

Hou dus voldoende afstand van je voorligger en gebruik de ‘twee secondenregel’. Rij je minstens twee seconden na je voorligger een herkenningspunt, zoals bv. een verlichtingspaal, voorbij? Dan zit je op een veilige afstand. Op een nat wegdek tel je daar nog een seconde bij).

6. Zorg dat je in vorm bent Zorg ervoor dat je uitgerust vertrekt. Alcohol, bijwerkingen van bepaalde medicamenten, stress of vermoeidheid na uren rijden vormen een belangrijk risico op ongevallen tijdens lange autoritten. 7. Respecteer de andere weggebruikers Blijf steeds kalm en verdraagzaam ten opzichte van andere weggebruikers en voorkom agressief gedrag. 8. Wees voorzichtig op de pechstrook Gebruik de pechstrook alleen als het echt nodig is. Zet je waarschuwingslichten aan, plaats de gevarendriehoek en ga zelf (samen met eventuele passagiers) achter de vangrail staan. Vergeet de fluorescerende hesjes niet aan te doen. 9. Reageer tijdig als er opstoppingen zijn Vanaf het moment dat je een file ziet, moet je anticiperen door te vertragen, je waarschuwingslichten aan te zetten en de reacties van de voertuigen achter je goed in de gaten te houden. 

Prettige vakantie!

Samen werken, samen veilig.

Bron: www.secunews.be

Foto: BigStockPhoto 

Labels